Verlaging van vermogensrendementsheffing en uw voordeel

Praktisch alle vermogen uit de aangeboden programma's bij Cleo Company vallen fiscaal in Box 3. De aangekondigde verlaging van de 'spaartaks' (belasting op vermogen) kan dus grote positieve gevolgen voor u hebben...
Of u nu actief deelneemt aan Five Winds & Lianora Swiss, Bitconnect of investeert in de X12 coin, het daarin opgebouwde vermogen valt in principe in Box 3. Dit betekent dat de belastingvrije voet aanmerkelijk wordt verhoogd.

Tip: in de laatste alinea leest u over voordelen waar u waarschijnlijk nog nooit rekening mee hebt gehouden...

Onderstaand een heldere uitleg over deze nieuwe wijziging.

Spaarders (en beleggers) gaan komend jaar minder belasting betalen. Het kabinet-Rutte III probeert beter rekening te houden met de extreem lage spaarrente bij het vaststellen van de spaartaks.

Wie moet er spaartaks betalen?

De spaartaks heet officieel de vermogensrendementsheffing (box 3). Dit jaar moet iedereen met een vermogen (spaargeld, beleggingen) boven de 25.000 euro die belasting betalen. Het kabinet verhoogt die belastingvrije voet voor 2018 naar 30.000 euro. Doet u samen aangifte - met een ’fiscale partner’ - dan geldt een dubbele belastingvrije voet, dus 60.000 euro.

Hoe wordt de belasting berekend?

Jarenlang ging de fiscus uit van een fictief rendement van 4 procent, of je nu spaarde of belegde, of je vermogen nu was gegroeid of niet. Over die 4 procent betaalde je vervolgens 30 procent belasting. Per saldo dus een belastingtarief van 1,2 procent. Kabinet-Rutte II veranderde dat en het nieuwe systeem geldt dit jaar voor het eerst. Nu is er niet één rendement voor iedereen, maar drie verschillende rendementen.

Wanneer betaal je wat?

Voor vermogens tot en met 75.000 euro betaal je belasting over 2,871 procent rendement. Tussen 75.001 en 975.000 euro betaal je over 4,6 procent rendement. En vanaf 975.001 euro betaal je over 5,39 procent rendement.

Waarom betaal je minder als je weinig spaargeld hebt?

De fiscus gaat ervan uit dat mensen met een klein vermogen vooral veel spaargeld hebben en mensen met een groot vermogen veel beleggen. De spaarrente is aanzienlijk lager dan de gemiddelde rendementen over aandelen en andere beleggingen. Voor mensen met een vermogen tot en met 75.000 euro veronderstelt de fiscus dat twee derde spaargeld is en een derde beleggingen.

En hoe rekent de fiscus dan?

Voor zowel sparen als beleggen prikt de fiscus een fictief rendement. Voor spaarders wordt gekeken naar de gemiddelde spaarrente over de afgelopen vijf jaar en voor beleggers naar langjarige rendementen. Die manier van berekenen van het spaarrendement gaat het kabinet nu veranderen.

Hoe dan?

De fiscus zal voortaan niet meer naar een vijfjarig gemiddelde spaarrente kijken, maar naar een eenjarig gemiddelde. Preciezer: voor de spaartaks over 2017 neemt de fiscus de gemiddelde spaarrenten van 2011 tot en met 2015. Dat was 1,63 procent. Voor de spaartaks over 2018 zal de fiscus kijken naar de gemiddelde spaarrente tussen juli 2016 en juni 2017. Dat percentage maakt de staatssecretaris binnenkort bekend.

Hoe hoog zal die zijn?

Op basis van de spaarrentes die De Nederlandsche Bank bijhoudt kun je berekenen dat die gemiddelde spaarrente uitkomt op 0,35 procent. Dat ligt dus veel dichter bij de werkelijke spaarrente (die nagenoeg 0 is) dan de rente van 1,63 procent waar nu nog mee gerekend wordt.

Hoe bereken ik dan mijn spaartaks?

Stel u heeft een vermogen van 80.000 euro samen met uw partner. Daarvan is 2 keer 30.000 euro vrijgesteld. Over de resterende 20.000 euro betaalt u dan belasting. U valt in de eerste schijf van box 3. Over 67 procent berekent u het spaarrendement van 0,35 procent. Over 33 procent berekent u het beleggingsrendement van 5,39 procent. Die twee (gewogen) rendementen samen zijn dan gemiddeld 2,01 procent (is nu nog 2,871 procent). Dus: 20.000 euro keer 2,01 procent is 402 euro. Over dat bedrag betaal je 30 procent belasting: 120 euro.

Ga ik er dan op vooruit?

Jazeker. Reken maar mee. In 2017 rekent u met een belastingvrije voet van 2 keer 25.000 euro. Dan betaalt u met uw partner dus over 30.000 euro belasting. Het gemiddelde rendement van sparen en beleggen is nu nog 2,871 procent. Dus u betaalt belasting over een bedrag van 861 euro. 30 procent belasting komt dan op 258 euro.

Gaat dat beleggingsrendement ook nog veranderen?

Ja. Die stelt de fiscus ook ieder jaar vast. Alleen verandert Rutte III de rekenmethode daarvoor niet. De fiscus kijkt naar langjarige rendementen op beleggingen zoals die zijn gerealiseerd. Wat de beurzen afgelopen jaar hebben gedaan telt dan voor 1/15e mee. In deze rekensommen is voor het gemak verondersteld dat dat rendement gelijk blijft. De rekenmethode is te ingewikkeld om zomaar te gaan voorspellen.

Kan de spaartaks ook weer gaan stijgen?

Jazeker. Nu de fiscus voor de spaarrente maar één jaar terugkijkt, gaat dat cijfer veel meer fluctueren. Als de spaarrentes weer worden verhoogd leidt dat veel sneller tot aanpassing van de vermogensrendementsheffing.

Waarom betaal ik geen belasting over de rendementen die ik écht heb behaald?

Dat is voor de fiscus (nog) te ingewikkeld. Maar dit kabinet wil daar wel naar gaan kijken. In het regeerakkoord staat het volgende: „ In deze kabinetsperiode zal een stelsel van vermogensrendementsheffing op basis van werkelijk rendement worden uitgewerkt.

(Bron: Financiële Telegraaf 2 november 2017)

Voordelen: 
In Box 3 kunnen bepaalde schulden worden opgevoerd zoals kosten van creditkaart, persoonlijke leningen, kredieten (bij bv Wehkamp), roodstand op de betaalrekening enz. Hierdoor wordt uw vermogen minder en betaald u dus ook minder belasting.

TIP
Maak op 1 januari een printscreen van uw vermogen wat in de diverse programma's zit. Het liefst met een datum erbij (dus misschien een foto van het totale beeldscherm?).
Aangezien je met een fiscaal partner het heffingsvermogen verdubbeld, is het verstandig om beiden een account te nemen.

Financieel gezonde groet,

Cristl Maas
Cashflow specialist

 

 

 

 

Denaro Financieel Gezond
www.denarofinancieelgezond.nl